terug
<
>

De taal van zien, ruiken en horen (2)

Afgelopen woensdag vond het symposium Over Taal plaats. In een interview vooraf beschreef organisator Corrie Nagtegaal het symposium als een soort markt met workshops. Schrijven, zegt Nagtegaal, dwingt je om te kiezen en concreet te zijn. Marein Baas bezocht de workshops en vroeg HKU-studenten of het symposium hun blik op taal veranderd heeft.

Met de promotie van het symposium blijkt het wel goed te zitten: de opkomst ligt tegen de 100 mensen. Via mails van docenten, dankzij de gul verspreide posters en vanwege tips van persoonlijke (taal-)begeleiders wisten zij van dit evenement. Een van de hypotheses was dat er onder HKU’ers relatief veel onzekerheid over taal heerst. De studenten die ik spreek bevestigen deze aanname.
 
Student Arts and Media Management Fleur de Jong is nog niet zo lang onzeker: ‘Sinds ik aan mijn scriptie werk. Ik dacht eerst dat ik prima schreef en durfde het ook te laten lezen. Maar nu ik steeds meer feedback krijg, durf ik dat steeds minder. Ik wil niet steeds horen dat het niet goed is. Ik heb mijn taaldocent om hulp gevraagd en die vroeg mij of ik bang ben voor het stempel dyslexie. Dat is niet zo, ik ben eerder bang dat mensen op mijn taalfouten letten en daardoor niet toekomen aan wat ik wil vertellen.’
 
schrijven zonder oordelen
Voor Clementine Hinlopen, student Fine Art and Design in Education, is de taal van haar leerlingen relevant. ‘Ik loop stage op een internationale school waar ik veel te maken heb met taalbarrières. Ik hoopte vandaag informatie te verzamelen over hoe ik daarmee om kan gaan. In de workshop "Creative writing" werden veel manieren aangereikt waarmee ik leerlingen een veilig gevoel kan geven, zodat ze durven spreken en schrijven zonder bang te zijn om fouten te maken. Bijvoorbeeld 'gewoon schrijven', zonder oordelen. Bewust worden van wat je zegt en schrijft, voordat iemand je vraagt wat je eigenlijk bedoelt. Productief uitstellen vond ik ook interessant, je werk even neerleggen en er met iemand over praten om het van een andere kant te bekijken. Maar dat is bij mij op school misschien lastig. Voor veel leerlingen is Nederlands noch Engels de eerste taal.
 
Rowan Groes studeert Interactive Performance Design en is juist bezig met de afwezigheid van taal. ‘Ik wil een performance of installatie maken waarmee een verhaal wordt verteld zonder woorden. Wij communiceren grotendeels via taal, terwijl woorden heel verwarrend kunnen zijn en meerdere betekenissen kunnen hebben. Ik vraag me af hoe je een verhaal kan vertellen met zo min mogelijk ruis, en hoe je daarbij gebruik kunt maken van beeld.’

beoordelen met een gedicht
Het was haar doel zich onder te dompelen in taal, maar tijdens de workshops kreeg zij niks aangereikt dat rechtstreeks in haar werk terecht zal komen. ‘Toch ik neem wel dingen mee. Er was een voorbeeld van beoordelen met een gedicht in plaats van een analytische tekst. Dat was erg fijn, daar heb ik mezelf mee verrast. Het schrijven maakte me ook wat rustiger. Ik ben van plan dat ook in mijn eigen reflectie meer te gaan doen: Wat voel ik eigenlijk?’
 
Rowans onzekerheid over taal is het meest zichtbaar wanneer ze over haar werk praat. ‘Ik kreeg tijdens een beoordeling te horen dat ik mijn werk niet goed beschrijf. Als ik alleen maar 'rode doos' zeg als ik een rode doos bedoel, zeg ik niks verkeerd. Maar iemand die die rode doos niet heeft gezien weet dan niet goed wat ik bedoel. Ik kom vaak niet goed uit mijn woorden omdat ik doorpraat zonder na te denken. Vandaag heb ik geleerd dat dat ook voordelen heeft. Spontaan schrijven levert soms erg leuke dingen op.’
 
de grond ingeboord
Clementines onzekerheid gaat vooral over de structuur van de taal. ‘Ik ben in Engeland geboren en opgegroeid. We spraken thuis wel Nederlands, maar de eerste taal die ik schrijf is Engels. Daardoor maak ik kleine foutjes in het Nederlands. Daarover ben ik wel eens de grond ingeboord door medeleerlingen en sindsdien vermijd ik het vaak om anderen te laten lezen wat ik schrijf. Maar ik heb niet zo'n zin om er meer energie in te steken. Accepteer het maar als ik “dat trein” zeg in plaats van “die trein”. Voor mijn leerlingen ligt dat anders; daarvoor wil ik de veilige ruimte creëren waarbinnen ze kunnen uitdrukken wat ze voelen.’
 
Fleur heeft vandaag een deel van haar onzekerheid achter zich gelaten. ‘Ik zie nu duidelijker waardoor mijn lezers niet altijd zien wat ik bedoel. Ik moet feitelijker schrijven. Als ik koude handen heb, kan ik bijvoorbeeld schrijven dat ze rood worden en gaan tintelen. Daarvan wordt het meer invoelbaar. Een van de workshopleiders bracht een lange mail terug tot vijf woorden, dat heeft me op ideeën gebracht voor het structureren van mijn scriptie.’
 
Het lijkt erop dat de doelen van de organisatie in ieder geval voor een deel zijn bereikt. Tijdens het symposium is veel nagedacht en gepraat over de waarde van taal en de uitdagingen en oordelen in communicatie. Opvallend is ook dat de voorspelling van Corrie Nagtegaal dat vorm en uitvoering van de workshops blokkades vrijwel uit zouden sluiten is uitgekomen. De pennen hebben nauwelijks stilgestaan.
 
tekst Marein Baas beeld Alex intVeld

Op woensdag 9 november bezochten honderd HKU'ers het symposium Over Taal. Marein Baas was erbij en vroeg drie studenten naar hun leermoment. 

Reacties

Nog geen reacties

Reageer

Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen